Ik mis Hiddo

Fijn | het tekstbureau+, tone of voice

“Hoi, met Denise.”
“Eh, is dit de Hyundai garage?”
“Ja hoor.”
“O.”

Zo begint het gesprek vanuit de auto. Een auto die aan het eind van de dag op de A2 opeens heel vreemde geluiden maakt. Zo vreemd dat ik er eigenlijk niet meer mee verder wil rijden. En al helemaal niet naar al mijn afspraken de volgende dag. Ik wil dus overleggen met de garage. Of iemand er even naar kan kijken. Liefst vandaag nog of anders morgenvroeg.

Denise legt uit dat ik gewoon morgen langs kan rijden. Dat ‘ze’ er dan zijn. En als er iets gerepareerd moet worden, kan ik mijn auto dan gewoon achterlaten. “Dat is fijn, Denise. Kun je dan vast een vervangende auto voor me reserveren?” Dat kan niet. ‘Ze’ moeten morgen even kijken of dat voor me te regelen is. Een leenauto is er alleen als je eerst een afspraak maakt.

“Prima, maak dan maar een afspraak voor morgenochtend voor me.”
Maar zo makkelijk is Denise niet te foppen: “Nee, dat gaat niet. ‘Ze’ moeten morgenochtend eerst kijken wat het probleem met uw auto is.”
“Denise?”
“Ja.”
“Wie zijn ‘ze’? Ik bel toch gewoon met mijn garage?”
“Nee, u belt nu met het klantenservicecontactcentrum.”
“O. Wil je me dan doorverbinden met iemand van de werkplaats?”
“Nee, dat gaat niet.”
“Weet je, Denise? Laat maar zitten.”

Mijn auto ratelt ondertussen de A12 op. Ik check online of de werkplaats nog open is en rij er maar even langs. Helaas blijken de monteurs al naar huis, maar een verkoper van de showroom rijdt een stukje met mijn rammelbak en geeft me meteen een leenauto mee. Morgen hoor ik meer. Geregeld.

De dag erna is vrijdag. Na mijn laatste afspraak bel ik om een uur of twee met de garage. Ben benieuwd wat het euvel is en of het lukt om het voor het weekend op te lossen.

“Hyundai, met Denise.”
“Hallo Denise, mag ik iemand van de werkplaats?”
“Ik verbind u door.”
Hoopvol sta ik even in de wacht.
“Mevrouw?”
“Ja.”
“De persoon van de werkplaats is al naar huis.”
“En nu? Ik wil weten of mijn auto klaar is.”
“Mevrouw, dat is natuurlijk een heel ander verhaal.”
“O ja?”
“Wat is het kenteken van uw auto?”
“Dat weet ik niet uit mijn hoofd. Het begint met 32.”
“Dan wordt het heel lastig, hoor. Want ‘ze’ gaan me daar natuurlijk naar vragen en als u het niet weet…”

“Denise, luister. Mijn naam is Damstra en de auto is een Santa Fé. Daar hebben jullie er niet veel van in onderhoud, ik denk dat je zo wel genoeg informatie hebt.”
“Uw auto is een wat?”
“Een Santa Fé, Denise. Een Santa Fé.”
“Nou, ik ga kijken wat ik kan doen.”

De vriendelijke verkoper die ik vervolgens aan de lijn krijg vertelt me dat mijn auto klaar staat. Ik pik ‘m meteen maar even op en maak een praatje met de monteur die al jaren bij de garage werkt. Eigenlijk is hij het enige bekende gezicht dat ik er nog zie sinds de overname door grootgrutter Bochane.

Vaste aanspreekpunten verdwijnen en monteurs komen en gaan. De laatste innovatie is nu het klantenservicecontactcentrum. Vroeger belde ik gewoon met Hiddo, het boegbeeld van de garage. Hij wist wie ik was, welke auto ik reed en wat er moest gebeuren. Hiddo belde me opgewekt als m’n auto klaar was. Hiddo was Hyundai. Maar Hiddo is ‘overgeplaatst’.

En nu hebben we dus “Hoi, met Denise”. Die me het gevoel geeft dat ik haar stoor tijdens het nagels lakken en die geen idee heeft wie ik ben, wat voor klant ik ben en welke auto ik rijd. Sterker nog, het lijkt Denise worst te wezen. Bij Hiddo rook ik olie, rubber en uitlaatgassen door de telefoon. Zoals het hoort als je je garage belt. Lieve Hyundai, mag ik Hiddo terug? Ik mis ‘m.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *